Restored

Avant-garde

La Tête froide

Patrick Hella, België 1969

Experimental, Kort

“Pathologische studie van een jong meisje dat haar geliefde bij een auto-ongeluk heeft verloren en deze dood niet kan accepteren.”[1]

La Tête froide

Regisseur :
Patrick Hella
Jaar :
1969
Land :
België
Acteurs :
Marie-Paule Mailleux, Christian Choix
Film Formaat :
ZW
Duur :
13'
Versie :
V : FR ⁄ ST : —

Film Info

Scenario :
Patrick Hella
Productie :
Patrick Hella
DoP :
Michel Baudour
Montage :
Philippe Graff
Muziekcompositie :
David McNeil
Genre  :
Experimental, Kort
Origineel Formaat :
16mm

Restoratie Info

Project :
NextGenerationEU
Jaar van restauratie :
2025
Digitale Preservatie :
Digitalisatie – 2K

Patrick Hella is een Belgische filmmaker en castingdirecteur. Hij studeert film aan het INRACI (tegenwoordig HELB, Haute École Libre de Bruxelles) en begint als assistent-regisseur bij korte films, waarna hij zelf experimentele kortfilms maakt: Les Sables (1965), Ole Coltrane (1966), Les Caméléons (1967) – geselecteerd voor het EXPRMTL-festival in Knokke –, La Tête froide (1969), Légendes et Châteaux (1971) en La Fille dans la vitrine (1972). In die periode vertegenwoordigt hij, samen met onder meer Roland Lethem, Noël Godin, Jean-Marie Buchet en David McNeil — allen, net als hij, Brusselaars en van dezelfde generatie — "een ’provocerende cinema’: een cinema die wordt gekenmerkt door oneerbiedigheid, iconoclasme, belediging, spot en gratuite provocatie, die de gevestigde orde, haar waarden, conventies en fundamenten radicaal door elkaar schudt." (Grégory Lacroix)[2]. Vervolgens richt hij zich in de jaren 1990 op de documentaire, zonder afstand te nemen van zijn stijl en van de thema’s die hem nauw aan het hart liggen: “van zijn eerste, duidelijk sadistische films (met de steeds wederkerende thema’s van de gesloten ruimte, het vernederde en misbruikte lichaam, de anti-maatschappij en de transmutatie) tot de documentaires uit de jaren 1990, is het vooral de fragmentatie die zijn werk richting geeft.”[3] In de jaren 1980 wordt hij castingdirecteur en richt hij “Hella Casting” op, een Belgisch agentschap voor film, theater en televisie.



La Tête froide werd gemaakt als inzending voor het EXPRMNTL-festival, destijds de belangrijkste manifestatie ooit gewijd aan experimentele cinema, bedacht door Jacques Ledoux, conservator van de Koninklijke Cinematheek van België. Het festival, dat tussen 1949 en 1974 slechts vijf edities kent, groeit uit tot een legendarisch evenement en verwelkomt iconische figuren uit de Europese en Amerikaanse underground.

La Tête froide is een in zwart-wit opgenomen, erotisch-macabere vertelling: een vrouw en een man krijgen een auto-ongeluk en botsen tegen een boom. De man wordt onthoofd. Omdat zij zich niet bij zijn dood kan neerleggen, neemt de vrouw zijn hoofd mee en vat er een nieuw leven mee aan. De kortfilm wordt niet geselecteerd voor het festival van Ledoux, maar wordt wel vertoond op de Quinzaine des réalisateurs in Cannes (als eerste Belgische film op de Quinzaine) en op het festival Visions du réel in Nyon in 1970, evenals in Venetië. De film wordt ook gedistribueerd in de Verenigde Staten via het circuit van de undergroundfilmmaker Jonas Mekas.


[1] Synopsis Quinzaine des Réalisateurs à Cannes, [Online] www.quinzaine-cineastes.fr
[2] www.cinematheque.fr

[3] D. TOMASOVIC inDic doc, le dictionnaire du documentaire, p.225