“La Perle werd in het voorjaar van 1929 gerealiseerd met de onervarenheid en het enthousiasme van een beginner. (…) Het was een verrukkelijk werk, geheel naar de smaak van die tijd: een scenario zonder realiteit, maar niet zonder logica, met de onverwachte verbanden die de surrealisten gangbaar hadden gemaakt (…)” – Henri d’Ursel[1]
- Regisseur :
- Henri d'Ursel
- Jaar :
- 1929
- Land :
- België
- Acteurs :
- Kissa Kouprine, Georges Hugnet, Mary Stutz
- Film Formaat :
- ZW
- Duur :
- 33'30''
- Versies :
-
V : FR ⁄ ST : —
V : FR ⁄ ST : NL
V : FR ⁄ ST : EN
Henri d’Ursel (1900-1974) – graaf Henri Charles Francis Joseph Marie d’Ursel – is een Belgische filmmaker. Hij werkt als assistent van Carl Dreyer bij La Passion Jeanne d’Arc[2] (1928) en regisseert slechts één keer, in 1929. Hij blijft echter gefascineerd door de filmkunst en richt in 1937 samen met Louis Camu de “Prix de l’Image” op, een festival dat de meest originele scenario’s bekroont en dat, ondanks zijn korte bestaan van twee jaar, aan de basis ligt van andere experimentele festivals in België. Na de oorlog richt hij het Séminaire des Arts op en wordt hij voorzitter van de filmafdeling, l’Ecran du Séminaire des Arts. Hij wordt ook vicevoorzitter van de Koninklijke Cinematheek van België, een functie die hij 25 jaar lang bekleedt, tot aan zijn dood.

Na zijn ontmoeting met de surrealistische dichter George Hugnet, die hem een scenario voorstelt, realiseert Henri d’Ursel in 1929 zijn enige film, La Perle, onder het pseudoniem Henri d’Arche. De film is rechtstreeks geïnspireerd op het werk van Feuillade, met name Judex (1916) en Les Vampires (1915) – en vooral op het personage Irma Vep (Musidora) – en volgt het verhaal van een bizarre zoektocht naar een verdwenen parel, die nu eens in handen is van een jonge man, dan weer van een dievegge.
De film wordt zelfgefinancierd en gerealiseerd met een klein team, waaronder Kissa Kouprine, dochter van de Russische auteur Alexandre Kouprine, en Marc Bujard, cameraman van Abel Gance voor La Roue (1923) en J’accuse! (1919)[3]. Hij wordt gekenmerkt door een zeer dromerige toon, mede door de invoeging van een aantal slaapscènes, en is op momenten zelfs erotisch en uitgesproken surrealistisch. Hoewel de film regelmatig werd vergeleken met het werk van Buñuel, heeft hij nooit dezelfde bekendheid genoten. Het is geen mislukking, maar wordt vooral gewaardeerd door liefhebbers van het surrealisme.[4]
[1] H. d’URSEL, « La Perle », [document dactylographié et signé], s.d.
[2] P. DAVAY, Cinéma de Belgique, Duculot, Gembloux, 1973, p. 116.
[3] S. RUBÍN DE CELIS, « One Time Magic : The Film Adventures of Ernst Moerman and Henri d’Ursel”, [En ligne].
[4] R. MICHELEMS, « La perle », in M. THYS, Belgian Cinema -Le cinéma belge – De Belgische cinema, Ludion – Cinémathèque royale de Bruxelles, Gand-Amsterdam – Bruxelles, 1999 ; S. RUBÍN DE CELIS, idem.





















